Son of Saul

Debuterend filmregisseur Laszlo Nemes is een dapper man. Met ´Son of Saul´ kiest hij gelijk al bij zijn eerste speelfilm voor de verschrikkingen van Auschwitz als onderwerp.

We volgen de joodse Hongaar Saul Auslaender. Saul is te werk gesteld in het zogenaamde ´Sonderkommando´, Joodse gevangenen die niet gelijk de gaskamers worden ingestuurd maar eerst een paar maanden te werk worden gesteld. Zo begeleiden zij de pas gearriveerde gevangen, onwetend van hun lot, direct vanuit de treinen door naar de gaskamers. Het is onderdeel van een bizar ritueel dat meerdere keren per dag terugkomt: geruststellen, opsluiten, schoonmaken en weer opnieuw beginnen.

Op een dag meent Saul in één van de doden zijn zoon te herkennen. Alleen is het wel zijn zoon? Hoe dan ook, Saul heeft, in zijn laatste dagen, misschien weken, van zijn leven nog maar één doel: zijn zoon een menswaardige begrafenis te geven. Maar daarvoor moet hij wel op zoek naar een Rabbijn.

In 'Son of Saul' zien we de horror van Auschwitz door Sauls ogen. Stapels lichamen flitsen voorbij. De beklemmende sfeer wordt benadrukt door Saul onophoudelijk in close-up te filmen waardoor je als kijker voortdurend op zijn nek zit en je, of je nou wilt of niet, niet los komt van alles wat Saul ziet.

‘Son of Saul’ is één van de indrukwekkendste  films ooit gemaakt over de waanzin van Auschwitz. Een film die je gezien moet hebben. En dat zeggen niet alleen wij, dat vindt ook de vaderlandse filmpers. De film wordt bedolven onder de sterren.